zaterdag 6 augustus 2011

Heilige Jozep


St.-Jozeph met ph stond met grote letters boven de ingang van het verenigingsgebouw tegenover mijn ouderlijk huis. De stoep en het portiek bij die ingang was de hangplek van de jongens en de meiden van onze straat. Naast het Jozefgebouw staat een school, inderdaad, de St.-Jozefschool. Verderop in de straat, tussen het allang verdwenen oude politiebureau en de brandweerkazerne stond vroeger nog een school. En je raadt het nooit, die heette ook de St.-Jozefschool. Vraag me niet waarom. De straat, de St.-Jozefstraat is niet veel veranderd, het is er wel stil geworden. De melkboer, de groenteboer, de bakkerij, de timmerloods en de rokerij zijn verdwenen. De tientallen kinderen die er altijd speelden hebben plaats gemaakt voor doorgaand verkeer. Het fanfarekorps en het Volendams Opera Koor oefenen niet meer in het Jozefgebouw.
De Beat Boys, één van de eerste bandjes met elektrische gitaren, oefenden ook bij ons in de straat. Ze begonnen in het leegstaande huisje van ootje Dekker of in het Nederlands: oma Veerman. Twee van haar kleinzoons speelden in de band, Jan Dekker drums en Cor Dekker basgitaar. De zanger en sologitarist was Harmen Veerman Poessie en op de slaggitaar zijn neef Jaap Lautenschutz.
Ik was de vaste toehoorder als zij oefenden. Het begon met de grote radio van Jaap z'n vader als versterker. Na een jaar verhuisden ze naar de zolder van de Jozefschool van meester Doede. De oude radio was inmiddels vervangen door een zanginstallatie en gitaarversterkers. Bands hadden in die tijd hun eigen spullen.
Voor een optreden moest alles 2 trappen naar beneden worden gesjouwd en dan over het schoolplein naar de bus van Evert Kil, die met chauffeur werd gehuurd.
's Nachts na het optreden moest dan alles weer terug naar boven.
Op een keer, het was in 1966, hadden ze 2 nieuwe Beatle nummers geleerd en tijdens het oefenen werden ze enkele malen achtereen gespeeld. Wat direct al vrijwel foutloos ging.
Zo zie ik Cor nog staan die de moeilijke baspartij bij het nummer "Rain" speelde en tegelijkertijd de 2e stem zong. Met dit lied is de psychedelische rock uitgevonden, met op het eind achterstevoren afgespeelde zang. Zing dat maar eens na.

dinsdag 19 juli 2011

Veerman de Koster

 
 
Piet Veerman of Piet de Koster zoals wij hem noemen was enigst kind van Marie van de Koster en Piet van de Jozef. Daardoor was bij Piet thuis nog wel een plekje vrij voor de Cats om te oefenen. Moeder Marie was vrijwel doof, dus die had er weinig last van. Ze oefenden daar vaak met onversterkte gitaren, zo hebben ze hun samenzang goed kunnen ontwikkelen.
De Cats probeerden nooit de covers die ze speelden te imiteren. Hoewel Piet een goede acteur en imitator was en iedereen na kon doen, speelden ze de nummers op hun eigen manier. Waardoor ze al vroeg een eigen stijl hadden. Een ander sterk punt was dat ze twee zangers hadden: Kees voor de rock en beat nummers en Piet voor de rhythm and blues en de soulmuziek.
Wat ook eens gezegd moet worden is dat Piet naast een hele goede zanger ook een uitstekend gitarist is. Hij was jarenlang de solo-gitarist bij de Cats en was in die tijd de beste van het dorp. Later werden ze op het podium ondersteund door Evert-Jan Veerman (Jash) op gitaar en Jan Keizer (de wiskundeleraar) op keyboard, waardoor Piet z'n handen vrij had voor zijn karakteristieke performance.
Toen ze in 1970 de LP "Take Me With You" opnamen was door de producer de Nederlandse gitaarpionier Dick Visser ingehuurd. Dick was leraar aan het conservatorium van Utrecht en was regelmatig op tv te zien en te horen.
Piet moest het intro en de solo van "Where Have I Been Wrong" voorspelen. Toen Dick Visser het had gehoord zei hij: Waarom doe je het zelf niet, je speelt het beter dan ik. Dus kunnen we nu nog genieten van het virtuoze gitaarspel van Piet de Koster in dit nummer waarvan de compositie overigens ook op zijn naam staat.

maandag 4 juli 2011

Zoveel? Ja, zoveel!

 
 
Van de week heb ik het boekje "Volendam Song- & Stripboek gelezen. En ik moet zeggen wat er in staat klopt aardig. Het gaat voornamelijk over de grote artiesten die veel hits hebben gescoord. Op bladzijde 10 worden ook een aantal willekeurige minder bekende bandjes en artiesten genoemd. Ik heb de moeite genomen om ze te tellen en kom aan 50 bandjes en 12 solo-artiesten of duo's. Zoveel? Denk je dan, het lijkt Den Haag wel.
Met excuses aan degenen die we zijn vergeten, staat er onder. En inderdaad ik mis er nog wel een paar. Dus ben ik eens gaan kijken op "volendamwebtv.nl" welke bands daar de laatste 5 jaar gefilmd zijn en niet in het lijstje staan. Ik vond er nóg 63! Ga d'r even voor zitten, hier volgen de namen:
Great Sin, Friday Night, No Further Details, Charming Pigs, Shy Mary, Lupo, Elementric, Trots, Brown Leg, AlascA, Swingfellas, Mystico, Flegmatieke Zonderlingen, Hot Ziggety, Gringos, Mothers Milk, Lights On, Oh!, For Sale, Renovatio, Stikkend Lampie, Saboe Experience, Royal Flush, KC Cashband, Jerigo, Since Wednesday, Gossip Stones, Bloody Fingers, JC & the Mailers, Walking Miles, Jane Says, J-nius, Outlaw, Devotion, Fix, Plaice, Lefesta, Tha Void, Blinded Light, Strings, White Garden, Granny's Attic, White Wankers, Zully, Caught in the Crossfire, Fuzzles, Yellow Van, Captain Tildo, Nazca, Funkaholic, Blanco, Black Roses, Highstreet Honey's, Well Voted, Dumbstruck, Ska 3, Complaining Bitches, Get Back Live, Brand Needles, Dandelion, Dance Commanders, Standby en Vicious Fishes.
Is dat alles? Nee nog lang niet. Wat denk je van de kermis cd's en bandjes die niet zijn gefilmd. Zoals: My Clueless Friend, Frame, Mozaique, Peanut Crisp, Gat in de markt band, Gepǿpel, Mon Amour enzovoort. We moeten constateren dat het aantal bandjes in Volendam niet te tellen is. Zoveel? Ja, zoveel!
Het liedje wat hier bij hoort moet zijn "Jukebox" van the Cats, waar het allemaal mee is begonnen. Maar ik heb toch gekozen voor het origineel van Gene Pitney, "If I Didn't Have A Dime".

zondag 3 juli 2011

Kermisplaat


Iedere kermis heeft wel een speciaal lied dat aan die kermis verbonden is. Dat liedje hoor je overal dat jaar en iedereen zingt het mee. Jaren later weet je nog precies: dat was die kermis met "As me stoepie moar skôn is". Of wat langer geleden: de kermis van "It's All Over Now".
Als kleine jongen stond ik met m'n neus tegen het raam gedrukt bij het café van Jop als daar Dicky Kaart speelde met z'n broer Ray. Zij waren trombonist en trompettist van de Duch Swing College Band en speelden gewoon op kermis in een Volendams café. In die tijd speelden er live bandjes in de cafés, later kwamen de jukeboxen en kon je je eigen kermismuziek draaien. Ook dat raakte weer over, want de barkeepers gingen platen en bandjes draaien met kermismuziek erop. In bar de Molen hadden wij wel enige invloed op de muziekkeuze, zo herinner ik mij nog een kermis met "Like A Rolling Stone" van Bob Dylan die net een week uit was. Dat moet in 1965 geweest zijn. Dat was ook de kermis dat we voor het eerst verkleed waren. We hadden allemaal een ketelpak aangetrokken en ik een stofjas. Jan Sam, een van de obers van de Molen zag ons in de verte aankomen op de dijk en stuurde alle vreemdelui naar buiten met als smoes dat er geveegd moest worden. Zo konden wij bezit nemen van een lege bar en daar ons kermisgeld verteren.
Ik vond de kermissen met jukebox-muziek de mooiste, maar dat lag hem waarschijnlijk aan mijn leeftijd toen.
Ik was 15 en in de kelder van café Jaap de Bok stond een jukebox met het nummer "Three Steps To Heaven" van Eddie Cochran. Dat was mijn kermisplaat van het jaar 1960. Ik ben altijd fan van Eddie Cochran gebleven en ik heb alle opnames die hij ooit gemaakt heeft op m'n computer staan. Daar luister ik nu naar terwijl ik dit verhaaltje schrijf .

dinsdag 31 mei 2011

Volendammer ziekte.


In Japan is een band met de raadselachtige naam "Volendam Disease".
Misschien fans van de Cats zul je denken, of van Jan Smit of het Volendams Opera Koor? Dat is niet zo want het is een punkband. Hoe ze wel aan die naam komen zal ik je haarfijn uitleggen. In de jaren 80 had je in Nederland meer dan 100 punkbandjes. Rond 1985 was het in de punkmuziek mode om de liedjes zo snel mogelijk te spelen. Veel bands brachten hun muziek zelf uit op cassette of EP. Deze werden over de hele wereld verstuurd en geruild binnen het punkcircuit. Mijn zoon liet mij laatst nog de eerste single zien van The Offspring met een brief erbij van de drummer. Zij zijn een van de weinige punkbands die later doorgebroken zijn.
Bij de Japanse punkers werd vooral de snelle Nederlandse muziek populair. Deze muziek was in hele kleine oplages uitgebracht en dus schaars in Japan. De originele platen werden daardoor collectors items. Eén van die platen was een EP van de enige Volendamse punkband Gepøpel. De titel van de plaat is Paracide uit 1985 en enige jaren terug werd er nog 250 dollar voor geboden op Marketplace.
Ik was nog van plan om mijn exemplaar te verkopen, maar er zat een klein scheurtje in de hoes en dan gaat de waarde drastisch omlaag.
Gepøpel bestond in het begin uit: Niels de Wit, René Kes, Henk de Boer en Erik Jansen. Zij waren toen leerlingen van het Werenfridus in Hoorn.
De Japanse band was zo onder de indruk van deze plaat dat zij besmet werden door het Volendamse virus en de hoes als hun logo gebruikten.
De woorden Gepøpel en Paracide vervingen ze door Volendam en Disease en dit werd hun naam.

Om jullie niet meteen een hartverzakking te bezorgen is hier een rustig punkliedje uit die periode van de Wipers uit Portland Oregon.

maandag 23 mei 2011

3FM bestond nog niet.

 
 
Hilversum 3 kwam in 1965 in de ether om de piratenzenders een halt toe te roepen. Veronica, Caroline en Radio London hadden met de hele dag muziek de luisteraars naar zich toe getrokken. Veronica zond uit vanaf 1960, maar de jeugd was nog geen doelgroep en de ontvangst was slecht.
Draagbare radio's waren duur en je hoorde net zoveel storing als muziek. Die storing werd de Mexicaanse hond genoemd want het leek alsof er een hond meehuilde met de muziek.
Toen de babyboomers begin jaren zestig gingen werken en geld verdienden veranderde alles. Veronica richtte zich met hun muziek en reclames steeds meer op de jeugd. De transistor radio werd betaalbaar. Wel ging je zakgeld op aan batterijen die maar een dag meegingen. Maar je kon altijd wel een extraatje verdienen met overwerken. Er was werk genoeg en de lonen stegen. Ik hoefde niet in militaire dienst omdat er te weinig bouwvakkers waren. Ik werkte als betonvlechter bij Hein Schilder. Mijn broer Jaap was de voorman van de vlechters. Hij wilde van ons voor zijn verjaardag een draagbare radio. Dat kon hij op z'n buik schrijven, dat begrijp je wel. We zochten een oude radio en schroefden daar een handvat op en ziedaar: een draagbare radio.
In 1964 had ik mijn eigen transistor radio bij elkaar gespaard. In dat jaar was ook Radio Caroline begonnen met uitzenden. De hele dag de Engelse hitparade en alle nieuw uitgebrachte platen. Ieder uur begon met dezelfde nieuwe plaat. In die week was dat “House of the Rising Sun”van de Animals.
Dit was muziek van een andere planeet! Dit stond lichtjaren verwijderd van de flauwekul die je op de Nederlandse radio moest ondergaan. Het werd één van de grootste hits van de zestiger jaren, zo niet de grootste.
Het liedje bleek een oude Amerikaanse traditional te zijn die daar door een zekere Bob Dylan was bewerkt en opgenomen in 1961. Bob was wel zo slim om de rechten te claimen.

woensdag 18 mei 2011

Just seventeen

17 is ze, je bent smoorverliefd en ze gaat vanavond naar een band in de PX. Maar jij hebt geen kaartje of geen geld. Wat doe je dan?
Dit probleem heb ik vroeger maar al te vaak moeten oplossen.
Bij de Jozef was dat niet zo moeilijk. Het herentoilet was buiten gesitueerd en je klom dan over een muur en liep vanuit het toilet de Jozef binnen.
Er zijn in die tijd heel wat zondagse pakken gescheurd aan het prikkeldraad dat op die muur zat. In de Amvo kochten we één kaartje en gaven dat door aan de volgende door het wc-raampje. De Pius X ging om 8 uur op slot en je kwam er dan niet meer in. Een jongen uit de straat die mij voor de gesloten deur zag staan zei: kom maar mee ik weet wel een manier. Hij klom vóór mij het dak op en dan door een dakraam naar binnen. Zo kwam ik op het balkon boven de bar en kon ik via de trap achter de bar de zaal in.
Ik verklapte dit geheim eens aan m'n vrienden en we gingen met een man of 5 door het dakraam. Echter de deur onder aan de trap zat op slot en we moesten weer terug. Piet Slak, de wielrenner, gaf niet op en liet zich vanaf het balkon midden in de zaal vallen. Binnen 'n minuut was hij door 3 obers weer buiten gezet.
In 1963 speelde er een jonge band van buiten Volendam. Ze begonnen hun optreden met: One, two, three, fire,,, She was just seventeen. Het intro van “I Saw Her Standing There” van de Beatles. Wat een nummer om een optreden te beginnen. Een van de mooiste liedjes van McCartney en Lennon.
Het eerste nummer van hun eerste LP, het is hier nooit op single uitgebracht. Dit liedje is een mooi voorbeeld van de Merseybeat met extra handgeklap op de 2e en 4e tel. En hoe toepasselijk was de tekst? Dit liedje ging over ons: Een dansavond in Pius X, ik 18, zij 17 en allebei verliefd.